
U heeft hoogstwaarschijnlijk al gehoord van de Einstein rekening, het politieke voorstel van de Liberale Partij “Anders”. Voorzitter Frederic De Gucht wil de burgers aanmoedigen om zo vroeg mogelijk te beginnen met beleggen op de beurs en hen op die manier op termijn een mooi kapitaal op te laten bouwen. Begin er zo vroeg mogelijk aan, want zo kan het 8ste wereldwonder van de samengestelde interest optimaal zijn werk doen, is de boodschap. Velen wijzen deze uitspraak toe aan Albert Einstein. Echter is nergens in de literatuur te vinden dat Albert Einstein dit ooit zou gezegd hebben, maar het wordt wel meer gebruikt in financiële marketing.

Eind 2025 stond er in ons land 301,9 miljard euro geparkeerd op de gereglementeerde spaarboekjes. Dat gigantisch bedrag wil de partij Anders mobiliseren en de beursparticipatie van de bevolking stimuleren. Tevens wil men kapitaal naar Europese bedrijven laten vloeien om de economie te versterken.
De Partij Anders gaf zelfs een praktisch voorbeeld om het voor het brede publiek begrijpelijk en tastbaarder te maken. Beleg je vanaf je geboorte elke maand 100 euro (1.200 euro per jaar) dan kan je bij een gemiddeld jaarrendement van 7% op je 67ste een kapitaal hebben bijeen gespaard van 1,6 miljoen euro. Op basis van historische rendementen lijkt ons dat niet onhaalbaar met een korf van beursgenoteerde Europese aandelen. Bovendien kan dat rendement nog opgekrikt worden als je jaarlijks 40% mag aftrekken van uw belastingaangifte!
Op zich is dit natuurlijk een zeer goed idee. In plaats van je centen te “parkeren” in spaarboekjes die de inflatie niet kunnen bijbenen en dus de bevolking armer maken, leverde investeren in beursgenoteerde aandelen historisch gezien op lange termijn een pak meer op. Maar daarvoor moet je natuurlijk meer risico nemen. Tenslotte koop je een stukje (aandeel) van een bedrijf, dat risico’s neemt om waarde te creëren.
We kunnen ons slechts twee belangrijke wetten herinneren in België die het investeren in beursgenoteerde aandelen fundamenteel hebben gestimuleerd en aangemoedigd: de wet Cooreman-De Clercq van 1982 en zijn navolger, het fiscaal gunstige pensioensparen als derde pijler. Alle andere wetten in België beoogden net het omgekeerde, nl. beleggers telkens zwaarder belasten. Opvallend is ook dat die hogere fiscaliteit er telkens gekomen is wanneer de Vlaamse liberalen in de Nationale regering zaten.

Dat de liberale Partij nu op het dieptepunt van het aantal kiezers (5,8% Nationaal), een ommeslag maakt en beleggen op de beurs terug aantrekkelijker wil maken, lijkt dus een verstandige keuze. Deze stelselmatig verhoogde belastingen op kapitaal zal de liberalen heel wat kiezers hebben gekost. Frederic De Gucht moet iets doen om die verloren kiezers terug te winnen. De liberalen staan traditioneel voor minder belastingen, economische en individuele vrijheid én een overheid die zich focust op zijn kerntaken (zoals justitie, veiligheid, economie en onderwijs). Het probleem is natuurlijk dat er weinig andere partijen zijn in België die het beleggen op de beurs willen aanmoedigen (integendeel). De vraag is dus of dit voorstel enige kans maakt op slagen. Bovendien moet de partij Anders kiezers winnen en eerst terug in de regering kunnen stappen.
De vraag is of die overheid zich moet bezighouden met het organiseren van kansspelen? In elk geval verkopen de kansspelbedrijven in hun reclameslogans “lucht” of “dromen”. De volgende slogans van de Nationale Loterij maken dit maar al te goed duidelijk: “Miljonairs gezocht”, “Wordt schandalig Rijk”, “Speel waar en wanneer je wil”, “Winnen doe je nooit alleen”, “Samen maken we dromen waar”, “Doe vooral lekker je goesting” en “Met Joker+ is elke dag je geluksdag”.
We willen hier toch even stilstaan bij de winstkansen én de verlieskansen van de 2 belangrijkste loterijspelen van de Nationale Loterij. De kans dat u de 6 juiste cijfers wint bij de Lotto is 1 op 8.145.060 of 0,00001228%. De kans dat u verliest is omgekeerd evenredig, nl. 99,99998772%. De kans dat u de hoofdprijs wint met Euromillions is nog veel kleiner, nl. 1 op 139.838.160 of 0,00000072%, de kans dat u die niet wint is dus 99,99999928%. Alle statistieken met de kansen om te winnen, staan trouwens in de officiële reglementen van elk spel. Maar dat leest vermoedelijk maar een enkeling en de marketingafdeling van de Nationale Loterij zal deze winst- of verlieskansen begrijpelijkerwijze niet opnemen in zijn reclameboodschappen.
De Nationale Loterij publiceerde zopas het persbericht over de jaarcijfers van 2025. In 2025 werd een recordbedrag van 1,666 miljard euro ingezet, 7,3% meer dan in 2024. Het persbericht vermeldt: “Er werd 1,266 miljard “winst” uitbetaald”. Als we goed kunnen rekenen zijn voor alle spelers samen die 1,666 miljard euro de totale kosten en de 1,266 miljard euro de totale opbrengsten. Alle spelers samen verloren dus in 2025 400 miljoen euro. Dat bedrag gaat natuurlijk (na aftrek van allerlei kosten, oa de werkingskosten en reclame) naar goede doelen.
Er waren bij de Nationale Loterij in 2025 323 miljoen spelmomenten, waarbij de gemiddelde inzet per spelmoment 5,2 euro bedroeg. In België zijn er 2.367.254 geïdentificeerde spelers. Gemiddeld genomen gokken die 2,4 miljoen Belgen voor een bedrag van 704 euro op jaarbasis bij de Nationale Loterij van België.
Maar, vergis u niet. In België wordt er flink meer gegokt dat via onze eigen Nationale Loterij. Volgens statistieken van de Kansspelcommissie groeit de totale gokmarkt met 10% per jaar tussen 2019 en 2023, van 22,68 miljard euro naar 33,0 miljard euro. We zochten in het jaarverslag van 2024 gepubliceerd in oktober 2025 naar de statistieken over 2024. In de inhoudstabel zochten we naar Hoofdstuk 4 “de kansspelmarkt in cijfers”. Naar pagina 32 scrollend, lazen we tot onze grote ontstentenis de volgende paragraaf:
“Voor het verzamelen, controleren en verwerken van financiële gegevens is minimaal een fulltime medewerker van het secretariaat van de Kansspelcommissie (KSC) nodig. Aangezien deze functie momenteel niet is ingevuld, was het niet mogelijk om in dit verslag betrouwbare gegevens te verstrekken, ook al was het de bedoeling om de financiële gegevens van 2024 in dit verslag op te nemen. De KSC betreurt deze situatie ten zeerste, maar aangezien zij geen autonomie heeft in de aanwervingsprocedure, beschikt zij helaas niet over de nodige middelen om hier iets aan te doen. Van zodra mogelijk, zullen de financiële gegevens voor het jaar 2024 worden gepubliceerd.”

We deden navraag bij de Kansspelcommissie. Het antwoord dat we kregen is dat de laatste hand wordt gelegd aan de cijfers van 2024, maar dat nadien nog de opmaak van het jaarverslag moet gebeuren. De publicatie van de cijfers van 2024 zal dus vermoedelijk pas in het voorjaar van 2026 op de website worden geplaatst. Toch wel een zeer bizar gegeven. De Kansspelcommissie moet controle uitoefenen op de gokbedrijven. Maar heeft moeite om één administratief medewerker aan te werven om de cijfers te verzamelen. Zou de FSMA toelaten dat een beursgenoteerd bedrijf zijn cijfers meer dan 15 maanden na afsluitdatum publiceert?
In het jaarverslag van de Nationale Loterij van 2024 vonden we deze zin: De Nationale Loterij vertegenwoordigt weliswaar amper 4% van de globale omzet van de totale kansspelmarkt. Hieruit kunnen we afleiden dat de globale inzet op de Belgische gokmarkt (1,553 miljard euro gedeeld door 4%) 38,8 miljard euro bedroeg. We vermoeden dat de Belgische gokmarkt in 2025 dus ruim boven de 41 miljard euro is gegaan. Naast de Nationale Loterij, zijn de belangrijke aanbieders van kansspelen Gaming1, Napoleon Sports & Casino, Bingoal en Betfirst. Maar het gros (44,4%) van de totale inzet in 2023 van 33 miljard euro kwam van de Casino’s (7,1% Offline en 37,3% Online). Zie verdeling op taartgrafiek:

België telt ongeveer 11,825 miljoen inwoners. Uit een gezondheidsenquête van Sciensano blijkt dat 31,9% van de Belgische bevolking in 2023-2024 minstens 1 keer heeft deelgenomen aan een kansspel (loterij, sportweddenschap, casino, krasloten). Dat zijn 3,77 miljoen inwoners. Met andere woorden de gokkende Belg vergokt gemiddeld bijna 11.000 euro per jaar.
Er zijn maar weinigen die met de jackpot naar huis gaan. Voor elke winnaar zijn er duizenden anderen die – figuurlijk – in het stof bijten. “Another one bites the dust”, zong Freddy Mercury van Queen.

Beleggen is niet gelijk aan het kopen van een loterijticket. Het is deelnemen aan ondernemerschap, aan innovatie, aan groei. En ja, er zijn misstappen geweest in de beurswereld. West-Vlaanderen herinnert zich ongetwijfeld Lernout & Hauspie. De film Dust heropent oude wonden. Maar één ontspoord verhaal maakt van de beurs nog geen casino. Het verschil is fundamenteel: wie gokt, speelt tegen de statistiek. Wie investeert, profiteert van de groei van ondernemingen. Op lange termijn wint niet het toeval, maar de waardecreatie van de bedrijven. Zij slagen er meestal in de gestegen kosten (inflatie) door te rekenen in hun eindproducten.
Misschien moet de overheid via het onderwijssysteem iedereen wat meer bijscholen over sparen en beleggen. Het voorstel van Frederic De Gucht om een deel van onze duur verdiende spaarcenten te kanaliseren naar de beurs, kunnen we alleen maar aanmoedigen.
Met die 41 miljard euro aan jaarlijkse inzetten in de gokindustrie in België kan je bijvoorbeeld alleen al de 4 grootste Belgische beursgenoteerde investeringsmaatschappijen kopen (GBL, D’Ieteren, Ackermans & van Haaren en Sofina). Die leverden volgens de fundamentele waardecreatiestudie van Value Square over de periode 2014-2024 een gemiddelde jaarlijkse waardecreatie van 7,24%. Toeval of niet, dat komt ongeveer overeen met de interestvoet die de Partij Anders gebruikt voor zijn Einstein rekening.
Naast de 300 miljard euro op spaarboekjes, moet de overheid misschien ook proberen om die 41 miljard euro aan ‘jaarlijkse’ inzetten in de gokindustrie, trachten te mobiliseren om de koopkracht van de brede bevolking te verbeteren of tenminste in stand te houden in plaats van “dromen” te verkopen.